Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (voorheen: EG-verdrag) (VwEU)

Dit verdrag is een gewijzigde versie van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (EG). In het VwEU staat wat de bevoegdheden zijn van de Europese Unie, en op welke manier de Europese Unie die bevoegdheden kan uitoefenen. Dit verdrag vormt samen met het Verdrag betreffende de Europese Unie de basis van de Europese Unie.

De belangrijkste onderdelen in het verdrag zijn:

  • de afbakening van de bevoegdheden van de Europese Unie
  • de beginselen van de interne markt en de daaraan verbonden rechten voor de burgers
  • het specificeren op welke beleidsterreinen de Europese Unie samenwerkt
  • de bevoegdheden en structuur van alle Europese instellingen
  • het vastleggen van de besluitvormingsprocedures

Aan het verdrag zijn een aantal verklaringen en protocollen gehecht. Daarin worden bepaalde punten uit het Verdrag verder uitgelegd en uitgewerkt.

Het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) gaat meer over de waarden waarop de Europese Unie gebaseerd is, en de rol die de belangrijkste Europese instellingen spelen.

Geschiedenis

Op 25 maart 1957 werd in Rome het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG) getekend door België, de Bondsrepubliek Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland. Deze landen hadden eerder de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) opgericht. Het EEG-Verdrag werd op 1 januari 1958 van kracht en staat ook wel bekend als het Verdrag van Rome. Het was de voorloper van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (EG). Op 1 december 2009 werd het Verdrag van Lissabon van kracht en veranderde de naam van EG-verdrag in de huidige naam: 'Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie'.

Bij het EEG-verdrag hebben zich na 1957 achtereenvolgens Denemarken, Ierland, het Verenigd Koninkrijk (1973), Griekenland (1981), en Portugal en Spanje (1986) zich bij de EG aangesloten. Oostenrijk, Finland en Zweden traden op 1 januari 1995 toe tot de Europese Unie. Op 1 mei 2004 sloten tien nieuwe lidstaten zich tegelijkertijd bij de EU aan. Dat waren Cyprus, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slovenië, Slowakije en Tsjechië. In 2007 volgden Bulgarije en Roemenië, en in 2013 Kroatië.

Niveau

Delen

enveloppe

1.

Meer informatie

Delen

enveloppe

Terug naar boven