
in de periode 1958-1964: voorzitter SER
's-Gravenhage, 16 september 1893
overlijdensplaats en -datum
Amsterdam, 25 oktober 1969
- -ambtenaar Provinciale Griffie te Groningen, van 1915 tot 1916
- -plaatsvervangend agent, "De Nederlandsche Bank" te Groningen, van 1917 tot 1919
- -beambte "Rotterdamsche Bankvereeniging" te Rotterdam, van 1919 tot 1920
- -secretaris "Rotterdamsche Bankvereeniging" te Rotterdam, van 1921 tot 1924
- -buitengewoon hoogleraar Nederlandsche Handels-Hoogeschool te Rotterdam, van 1922 tot 1924
- -hoofddirecteur "Bank voor Indië" te Batavia, van 1924 tot 1925
- -hoogleraar economie, munt-, krediet- en bankwezen, handels- en verkeerspolitiek, Nederlandsche Handels-Hoogeschool te Rotterdam, van 1925 tot 1934
- -hoogleraar staatshuishoudkunde en theorie en geschiedenis der statistiek, Rijksuniversiteit Utrecht, van 15 oktober 1934 tot 1 januari 1940
- -buitengewoon hoogleraar staatshuishoudkunde en theorie en statistiek, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1 december 1941 tot 1 augustus 1943
- -directeur "Amsterdamsche Bank" N.V., van 1945 tot 1954
- -voorzitter SER (Sociaal-Economische Raad), van 1 oktober 1958 tot 1 mei 1964
- -buitengewoon hoogleraar staathuishoudkunde, in het bijzonder de leer van het bankwezen en van de internationale economische betrekkingen (Gemeentelijke) Universiteit van Amsterdam, van 16 september 1952 tot 1 september 1962
- -buitengewoon hoogleraar staathuishoudkunde, in het bijzonder de leer van de internationale economische betrekkingen, (Gemeentelijke) Universiteit van Amsterdam, van 1 september 1964 tot 1 januari 1965
- -voorzitter Raad van Commissarissen "Amsterdamsche Bank", vanaf 1955
- -voorzitter Commissie Benelux, SER
- -gymnasium te 's-Gravenhage, vanaf 1906
- -gymnasium te Groningen, tot 1911
- -staatsexamen, 1911
academische studie
- -rechtswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Groningen, van 1911 tot 23 januari 1917
- -rechten, Universiteiten van Zürich en Genève
- -staatswetenschappen (gepromoveerd op disseratie), Rijksuniversiteit Utrecht, 10 mei 1919 (cum laude)
- -Hij promoveerde bij zijn vader. Zijn vader was hoogleraar staathuishoudkunde in Delft, Groningen en Utrecht en directeur van het Centraal Bureau voor de Statistiek
- -Een zoon van hem was hoogleraar informatica in Leiden
ridderorden
- -Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw
- -Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 24 april 1964
overige onderscheidingen en prijzen
Commandeur in de Huisorde van Oranje
relevante buitenlandse reizen
reis naar Nederlands-Indië, van 1920 tot 1921
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
- -lid NVWG (Nederlandsche Vereeniging voor Waardevast Geld), van 1934 tot 1936 (lobbyclub vóór devaluatie van de gulden)
- -lid KNAW (Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen)
- -"Inleiding tot de leer der waardevastheid van het geld" (dissertatie, 1919)
- -"Bankpolitiek" (1921, 7e druk 1955)
- -"De leer van het crediet" (1921)
- -"De waarde van het geld" (1922)
- -"Het bankwezen in de Nederlandsche koloniën" (1923)
- -"Enkele koloniale bankvraagstukken" (1925)
- -"Prijsstabilisatie" (1929)
- -"De conjunctuur in het economisch leven" (1929)
- -diverse artikelen in tijdschriften op economisch gebied
literatuur/documentatie
- -Wie is dat? 1931
- -Ned. Patriciaat, 1964
- -gehuwd te Utrecht, 29 juni 1921 (echtgenote overleden 28 april 1948)
- -gehuwd (tweede huwelijk) te Amsterdam, 3 juni 1950
kinderen
1 zoon en 1 dochter (uit eerste huwelijk)
vader
Mr.dr. C.A. Verrijn Stuart, Coenraad Alexander
geboorteplaats en/of -datum
Weesp, 22 december 1865
moeder
E.A. Gunning, Eva Anna
