Onder audiovisueel beleid vallen de televisie, radio en film. Deze sector wordt economisch steeds belangrijker: een miljoen mensen is hier werkzaam. De sector speelt ook een belangrijke maatschappelijke rol, omdat deze media de voornaamste bron van informatie zijn voor de bevolking en een belangrijke vorm van vrijetijdsbesteding.
Toch duurde het tot de jaren tachtig dat de Europese Unie een audiovisueel beleid ontwikkelde.
De Europese Unie en de Raad van Europa streven ernaar de Europese audiovisuele industrie te stimuleren. Elke nationale regering heeft een eigen audiovisueel beleid. De EU stelt voorschriften en richtsnoeren op voor zaken van gemeenschappelijk belang. Voorbeelden zijn concurrentie en open grenzen.
Het beleid heeft de volgende speerpunten:
-
-bevorderen van het vrije verkeer van Europese televisieprogramma's binnen de interne markt
-
-de verplichting voor de televisieomroepen om zo mogelijk meer dan de helft van hun zendtijd voor Europese producties te reserveren ("uitzendquota")
-
-bescherming van het algemene belang zoals culturele diversiteit
-
-bescherming van minderjarigen tegen programma's die voor hen niet geschikt zijn
-
-voorschriften over de maximumhoeveelheid aan reclame en het gebruik van sluikreclame
-
-toegang tot mediadiensten voor mensen met een handicap
Deze richtlijnen zijn ook van toepassing op TV via internet of mobiele telefoon.
Lees meer:
Bron |
Taal |
Soort Informatie |
|---|---|---|
Europese Unie |
EN |
|
Raad van Europa |
EN |
|
Raad van Europa |
EN |
Bij de besluitvorming op dit beleidsterrein spelen de Europese Commissie, de Raad en het Europees Parlement een rol.
Initiatief voor nieuw beleid bij de Europese Commissie
Eerstverantwoordelijk is de Eurocommissaris voor Onderwijs, cultuur, meertaligheid en jeugdzaken:
Invloed nationale parlementen
Nationale parlementen van de lidstaten kunnen binnen acht weken nadat de Europese Commissie een voorstel heeft bekendgemaakt, laten weten dat de Europese Unie zich niet met het onderwerp zou moeten bezighouden.
Vanuit het Nederlandse parlement zijn bij dit beleidsterrein betrokken:
Besluitvorming door de Raad en Europees Parlement
De besluitvorming verloopt volgens de gewone wetgevingsprocedure.
De raadsformatie die beslist over het audiovisueel beleid is de Raad Onderwijs, Jeugdzaken, Cultuur en Sport. Besluiten worden genomen met gekwalificeerde meerderheid. Vertegenwoordiger voor Nederland in de Raad is:
Voor het Europees Parlement beoordeelt de parlementaire commissie Cultuur en onderwijs de voorstellen van de Europese Commissie en de eventuele aanvullingen van de Raad. Voor Nederland is de volgende Europarlementariër lid:
Als het Europees Parlement het (eventueel aangepaste) voorstel goedkeurt, sluit een overeenstemming in de Raad van de Europese Unie de procedure af. Nederland heeft in de Raad 13 stemmen, op een totaal van 345. Als het voorstel door de Raad is goedgekeurd, zorgt de Nederlandse regering ervoor dat het voorstel nationaal wordt uitgevoerd.
Raad van Europa
Het mediabeleid van de Raad van Europa is erop gericht de vrijheid van meningsuiting en informatie te waarborgen.
Hot issues
Europese Unie
Factsheet Europees Parlement
Betrokken instanties
Statistiek
Raad van Europa
