r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Denemarken

Denemarken

Het koninkrijk Denemarken is één van de meest welvarende Europese landen. Het land heeft een overwegend landelijk karakter en de agrarische sector is belangrijk. Sinds 1973 is Denemarken lid van de Europese Unie (destijds Europese Gemeenschap), maar er bestaat veel 'euroscepsis'.

Zo werd het Verdrag van Maastricht aanvankelijk (in 1992) in een referendum afgewezen en werd in 2002, toen in elf andere EU-lidstaten de euro werd ingevoerd, de Deense kroon gehandhaafd.

De oorsprong van de Deense natie ligt bij de Vikingen, die van de negende tot de elfde eeuw hun stempel drukten op de Europese geschiedenis. Deense expedities uit die tijd, onder leiding van Erik de Rode en Leif Eriksson, leidden tot de ontdekking van IJsland en Groenland. Tot de achttiende eeuw was Denemarken de spil in de handel tussen Noord- en West-Europa.

Belangrijke Deense persoonlijkheden zijn de Nobelprijswinnaar Niels Bohr (één van de grondleggers van de atoomfysica) en Hans Christian Andersen, die de Europese literatuur verrijkte met sprookjes als de prinses op de erwt, het lelijke jonge eendje, en de rode schoentjes.

Belangrijke sportprestaties werden geleverd door het Deens voetbalelftal dat in 1992, met sterspelers als Elkjaer Larssen, Michael Laudrupp, Arnesen en Lerby, Europees kampioen werden. De badmintonspeler Hoyer Larsen won Olympisch goud bij het badminton. Deense sporters wonnen regelmatig Olympische medailles bij het baanwielrennen en het roeien; in 2008 en 2012 was er ook goud bij het zeilen. Een bekende Deense wielrenner was Rolf Sörensen, die veel klassiekers won. Tennisspeelster Caroline Wozniacki bereikte in 2010 de nummer één-plaats van wereldranglijst.

Delen

enveloppe

Inhoud

1.

Politieke situatie

Parlementsgebouw Kopenhagen
Bron: IPU.org

Na de verkiezingen van juni 2015 vormde Lars Løkke Rasmussen een liberaal minderheidskabinet, dat tevens kan rekenen op steun van drie centrumrechts partijen. Het kabinet volgde een links minderheidskabinet op onder leiding van de sociaaldemocrate Helle Thorning-Schmidt. Het Links Blok had in 2011 de verkiezingen gewonnen. Daarvoor regeerde tien jaar centrumrechtse minderheidskabinetten, met steun van de rechts-populistische Deense Volkspartij (Dansk Folkeparti). Premiers waren toen Anders Fogh Rasmussen, en sinds april 2009 Lars Løkke Rasmussen.

De Deense politiek werd lange tijd gedomineerd door de sociaaldemocraten (Socialdemokraterne, SD). In 1982 vormde de conservatief Poul Schlüter een centrumrechts minderheidskabinet van conservatieven (Det Konservative Folkeparti),  liberalen (Venstre), centrumdemocraten (Centrum-Demokraterne) en christendemocraten (Kristeligt Folkeparti, nu Kristendemokraterne). 

In de periode 1990-2001 waren de sociaaldemocraten opnieuw aan het bewind met kabinetten waaraan enige jaren ook radikalen (Det Radikale Venstre, DRV), en aanvankelijk tevens centrumdemocraten en christendemocraten deelnamen.

Opvallend in de Deense politiek is de versplintering en het daarmee samenhangende probleem om een meerderheidskabinet te vormen.

2.

Staatsvorm, partijen en kiesstelsel

Denemarken is een constitutionele parlementaire monarchie. Net als in Nederland is de koning(in) onschendbaar en zijn de ministers verantwoordelijk. Een kabinet mag aanblijven, zolang het niet het vertrouwen van het parlement verliest. Meestal worden door twee partijen (of soms zelfs één partij) minderheidskabinetten gevormd, die met steun van één of twee andere partijen kunnen regeren.

kiesstelsel

Sinds 1953 kent Denemarken een eenkamerstelsel. Het parlement (Folketing) telt 175 leden en daarnaast zijn er vier leden voor Groenland en de Faröer Eilanden. Ten minste iedere vier jaar zijn er verkiezingen. Van de parlementsleden worden er 135 in districten gekozen op basis van evenredige vertegenwoordiging. De overige veertig leden worden naar evenredigheid verdeeld via de landelijke verkiezingsuitslag. Er is een kiesdrempel van twee procent.

Denemarken kent referenda. In 2000 werd bijvoorbeeld invoering van de euro in een referendum afgewezen.

partijen

Denemarken heeft een meerpartijenstelsel. Naast sociaaldemocraten, liberalen, conservatieven en populistisch-rechts zijn er links-liberalen (DRV), te vergelijken met D66); een eenheidslijst van Groenen; en linkse partijen, de links-socialistische SF (Socialistik Folkeparti), een partij die is te vergelijken met de SP, en de Liberal Alliance (rechts sociaal-liberaal). De conservatieve partij DKF is aangesloten bij de Europese Volkspartij. De kleine christendemocratische partij (niet in het parlement vertegenwoordigd) is verwant aan de ChristenUnie en is ook lid van de EVP.

Met name in de jaren zeventig was de rechts-liberale FP (Fremskridtspartiet), Vooruitgangspartij van Mogens Glistrup een belangrijke partij. Haar positie is overgenomen door de Deense Volkspartij waarvan Pia Kjærsgaard lange tijd de partijleider was.

Twee tamelijk jonge partijen zijn de 'groene' sociaal-liberale Alternativet (Het Alternatief), een afsplitsing van DRV, en de Liberal Alliance. Die partij ontstond in 2007 als klassiek liberale centrumrechts partij.

3.

Zetelverdeling Folketing vanaf 1973

jaar

SD

SF

DRV

Ven

DKF

Rd-

Gr

CD

KF

FP

DF

NA

Ov.

datum

1973 

46

11 

20

22

16

 

14

7

28

   

11

4 dec.

1975 

53

9

12

42

10

 

4

9

24

   

7

9 jan.

1977

65

7

6

21

15

 

11

6

26

   

13

25 febr.

1979

68

11

10

22

22

 

6

5

20

   

5

23 okt.

1981

59

21

9

20

26

 

15

4

16

     

8 dec.

1984

56

21

10

22

42

 

8

5

6

     

10 jan.

1987

54

27

11

19

38

 

9

4

9

   

4

8 sept.

1988

55

24

10

22

35

 

9

4

16

     

10 mei

1990

69

15

7

29

30

 

9

4

12

     

12 dec.

1994

62

13

8

42

27

6

5

 

11

   

1

21 sept.

1998

63

13

7

42

16

5

8

4

4

13

   

11 mrt

2001

52

12

9

56

16

4

 

4

 

22

   

20 nov.

2005

47

11

17

52

18

6

     

24

   

8 feb.

2007

45

23

9

46

18

4

     

25

 

5

13 nov.

2011

44

16

17

47

8

12

     

22

9

 

15 sep.

2015

47

9

8

34

6

14

     

37

13

9

18 juni

4.

Kabinetten vanaf 1973

naam

periode

kleur

partijen

belangrijke ministers

Jörgensen I

5 oktober 1972-18 december 1973

links

SD

BuZa: Børge Andersen

Hartling

18 december 1973-13 februari 1975

centrumrechts 

Venstre

BuZa: Guldberg

Jörgensen II

13 februari 1975-30 augustus 1978

links

SD

BuZa: Børge Andersen

Jörgensen III

30 augustus 1978-26 oktober 1979

links

SD

BuZa: Christophersen

Jörgensen IV

26 oktober 1979-30 december 1981

links

SD

BuZa: Olesen

Jörgensen V

30 december 1981-10 september 1982

links

SD

BuZa: Olesen

Schlüter I

10 september 1982-10 september 1987

centrumrechts

Venstre-DKF-CD-KF

BuZa: Ellemann-Jensen

Schlüter II

10 september 1987-3 maart 1988

centrumrechts

Venstre-DKF-CD-KF

BuZa: Ellemann-Jensen

Schlüter III

3 maart 1988-18 december 1990

centrumrechts

Venstre-DKF-DRV

BuZa: Ellemann-Jensen

Schlüter IV

18 december 1990-25 januari 1993

centrumrechts

Venstre-DKF

BuZa: Ellemann-Jensen

Nyrup Rasmussen I

25 januari 1993-27 september 1994

centrumlinks

SD-CD-DRV-KF

BuZa: Helvig Petersen

Nyrup Rasmussen II

27 september 1994-30 december 1996

centrumlinks

SD-CD-DRV

BuZa: Helvig Petersen

Nyrup Rasmussen III

30 december 1996-23 maart 1998

links

SD-DRV

BuZa: Helvig Petersen

Nyrup Rasmussen IV

23 maart 1998-27 november 2001

links

SD-DRV

BuZa: Helvig Petersen

2000: Lykketoft

Fogh Rasmussen I

27 november 2001-18 februari 2005

centrumrechts

Venstre-DKF

BuZa: Møller

Fogh Rasmussen II

18 februari 2005-23 november 2007

centrumrechts

Venstre-DKF

BuZa: Møller

Fogh Rasmussen III

23 november 2007-5 april 2009

centrumrechts

Venstre-DKF

BuZa: Møller

Fin: Løkke Rasmussen

Løkke Rasmussen I

5 april 2009-3 oktober 2011

centrumrechts

Venstre-DKF

BuZa: Møller

2010: Espersen

Thorning-Schmidt

3 oktober 2011-28 juni 2015

links

SD-DRV-(SF, tot jan. 2014)

BuZa: Søvndal

2014:

Løkke Rasmussen II

28 juni 2015-

rechts-liberaal

Venstre

BuZa: Jensen

5.

Meer informatie

6.

Kerngegevens

hoofdstad

Kopenhagen

staatshoofd

Koningin Margrethe II (vanaf 14 januari 1972); Kroonprins Frederik, oudste zoon van de monarch (geboren op 26 mei 1968)

regeringsleider

Premier Lars Lokke Rasmusen (vanaf 28 juni 2015)

7.

Bevolking

aantal inwoners

5.631.699

1,1% van de EU

% van de bevolking jonger dan 15

16.77% (mannen: 480.267/vrouwen: 455.946)

 

% van de bevolking van 15 t/m 24

13.11% (mannen: 373.547/vrouwen: 358.150)

 

% van de bevolking van 25 t/m 54

39.03% (mannen: 1.085.130/vrouwen: 1.093.162)

 

% van de bevolking van 55 t/m 64

12.41% (mannen: 344.509/vrouwen: 348.201)

 

% van de bevolking ouder dan 65

18.68% (mannen: 466.566/vrouwen: 576.025)

 

gemiddelde levensverwachting

79.25 jaar

 

geletterdheid

 

8.

Economie

bruto binnenlands product (bbp)

$250971000000E0

1,4% van de EU

bijdrage van landbouw aan bbp

1.3%

 

bijdrage van industrie aan bbp

21.2%

 

bijdrage van dienstensector aan bbp

77.5%

 

werkloosheid

6.5%

 

9.

Geografie

oppervlakte

44.487 km²

1,0% van de EU

laagste punt

Lammefjord -7 m

 

hoogste punt

Mollehoj/Ejer Bavnehoj 171 m

 

10.

Positie in Europa

aantal zetels in het
Europees Parlement

13 van de 754 zetels

gastland Europese
organen

Agentschap Europese Unie:
Europees Milieuagentschap (EMA)

prominenten in
Europa

Europese Commissie:

Margrethe Vestager (belast met mededinging)
 
Bovenstaande gegevens zijn voor een belangrijk deel gebaseerd op het CIA World Factbook.

11.

Volkslied

Titel: Der er et Yndigt Land

12.

Staatkundige ontwikkelingen

18.06.2015
In parliamentary elections, the Social Democrats win 26.3% of the vote (47 of 175 mainland seats), the Danish People's Party 21.1% (37), Venstre (Liberals) 19.5% (34), the Red-Green Alliance 7.8% (14), the Liberal Alliance 7.5% (13), The Alternative 4.8% (9), Radikale Venstre (Social Liberals) 4.6% (8), the Socialist People's Party 4.2% (7), and the Conservative People's Party 3.4% (6); turnout is 85.8%. (With two representatives of the Faeroe Islands and two of Greenland the seat total is 179.) On June 19 Prime Minister Helle Thorning-Schmidt resigns and on June 22 the queen gives Lars Løkke Rasmussen (Venstre) the mandate to form a minority government. On June 28 Rasmussen names his government including Kristian Jensen as foreign minister, Carl Holst as defense minister, Karen Ellemann as interior minister, and Claus Hjort Frederiksen as finance minister.
 
02.09.2014
Morten Østergaard replaces Margrethe Vestager as interior minister.
 
03.02.2014
Martin Lidegaard becomes foreign minister in a cabinet reshuffle.
 
30.01.2014
The Socialist People's Party announces its withdrawal from the government. Among its cabinet members is the foreign minister, Holger K. Nielsen.
 
11.12.2013
Foreign Minister Villy Søvndal resigns. In a cabinet reshuffle on December 12 Holger K. Nielsen becomes foreign minister.
 
 
Bron: www.rulers.org

Delen

enveloppe

Terug naar boven