Deze instelling van de Europese Unie kan worden beschouwd als het 'dagelijks bestuur' van de EU. De leden van de Europese Commissie worden 'eurocommissarissen' genoemd. Elke eurocommissaris is verantwoordelijk voor één of meerdere beleidsgebieden. Momenteel zijn er 27 eurocommissarissen, voor elke lidstaat één. Samen vormen zij het college van eurocommissarissen. De eurocommissarissen moeten het belang van de Europese Unie als geheel behartigen, niet dat van hun eigen land.
De Europese Commissie mag als enige EU-instelling wetsvoorstellen indienen. Daarnaast controleert de Commissie of de Europese wetgeving juist wordt toegepast in de lidstaten. Bij overtredingen kan de Commissie een lidstaat dwingen zich aan Europese regelgeving te houden, door een procedure te starten bij het Europese Hof van Justitie.
Verder onderhandelt de Commissie in internationale organisaties als de Wereldhandelsorganisatie (WTO) over de handel van de Unie met 'het buitenland'. Zo wordt vastgesteld of overheden elders in de wereld ongeoorloofde staatssteun aan industrietakken geven, waardoor de Europese concurrentiepositie in gevaar komt. Ten slotte is de Commissie verantwoordelijk voor het beheer van de Europese begroting van ongeveer 140 miljard euro per jaar.
Op 9 februari 2010 werd de voorgedragen Commissie goedgekeurd door het Europees Parlement en daarna benoemd door de Europese Raad. De Commissie-Barroso II ging op 10 februari 2010 van start.
Locatie (Stad) |
Brussel |
|---|---|
Locatie (Land) |
|
Grondslag |
Artikelen 244-250 VwEU |
Opgericht |
1957 |
Aard organisatie |
Officiële instelling van de Europese Unie |
adressen vestigingen
Locatie |
Contactgegevens |
|---|---|
Karel de Grote-gebouw (waarin de diensten uitbreiding, vertaling en handel) |
Wetstraat 170 1040 - Brussel tel. + 32 (0) 2 299 06 00 tel. + 32 (0) 2 299 17 36 |
Breydel-gebouw (Budget, Onderneming en Handel) |
Audergemlaan 45 1040 - Brussel tel. + 32 (0) 2 295 30 97 tel. + 32 (0) 2 296 29 72 |
Breydel 2 (Administratie en Budget) |
Audergemlaan 19 1040 - Brussel tel. + 32 (0) 2 299 04 93 tel. + 32 (0) 2 299 09 36 tel. + 32 (0) 2 296 78 73 |
De taakverdeling tussen de drie belangrijkste Organen van de Europese Unie laat zich als volgt samenvatten: de Europese Commissie neemt initiatieven voor Europese wet- en regelgeving.
Het Europees Parlement debatteert hierover en kan wijzigingen voorstellen, waarna het Parlement en de Raad van de Europese Unie gezamenlijk beslissen. Het Europese Hof van Justitie bewaakt deze afspraken, uitspraken van dit Hof hebben voorrang boven het recht van de lidstaten.
De Commissie oefent vijf hoofdtaken uit:
-
-Recht van initiatief
De Europese Commissie formuleert initiatieven (wetsvoorstellen) op EU-beleidsterreinen, met name op terreinen als interne markt, economie, justitie en binnenlandse zaken, vervoer, industrie, sociaal beleid, landbouw, milieu, energie, regionale ontwikkeling, handelsbetrekkingen of ontwikkelingssamenwerking.
-
-Handhaving van Europese regelgeving
De Commissie controleert of de Europese wetgeving juist wordt toegepast in de lidstaten. Bij overtredingen kan de Commissie een lidstaat dwingen zich aan Europese regelgeving te houden, door een procedure te starten bij het Europese Hof van Justitie.
Het belangrijkste beleidsterrein waarop de Commissie de Europese regelgeving handhaaft, is de concurrentie op de interne Europese markt. Zo beoordeelt de Commissie of grote grensoverschrijdende fusies en overnames in het bedrijfsleven leiden tot een monopoliepositie, en of landen geen ongeoorloofde staatssteun verlenen aan bedrijfstakken. Daarnaast bewaakt de Commissie onder meer milieuregels, de voedselveiligheid (bijvoorbeeld tijdens de gekkekoeienziekte), en de veiligheid van consumentenproducten.
-
-Uitvoerende macht
De Europese Commissie onderhandelt op internationale fora als de Wereldhandelorganisatie (WTO) over de handel van de Unie met 'het buitenland'. Zo wordt vastgesteld of overheden elders in de wereld ongeoorloofde staatssteun aan industrietakken geven, waardoor de Europese concurrentiepositie in gevaar komt.
Verder voert de Commissie tal van programma's uit. Op onderwijsgebied bijvoorbeeld coördineert de Europese Commissie de uitvoering van Europa-brede uitwisselingsprogramma's als Erasmus, Comenius en Da Vinci. Ook coördineert de Europese Commissie uitgebreide programma's op het gebied van ontwikkelings - en humanitaire hulp.
-
-Beheer van de begroting
De Commissie is verantwoordelijk voor het beheer van de communautaire begroting onder toezicht van de Europese Rekenkamer.
-
-Uitbrengen van adviezen en aanbevelingen
De Europese Commissie telt 27 leden (het College), en wordt bijgestaan door een omvangrijk administratief apparaat. Elke eurocommissaris staat aan het hoofd van een of enkele directoraten-generaal dat één of meerdere beleidsgebieden behandelt.
De Commissie komt gewoonlijk eenmaal per week op woensdag te Brussel bijeen. Tijdens deze vergaderingen wordt elk punt toegelicht door het lid van de Commissie dat voor het betreffende terrein verantwoordelijk is. Indien nodig nemen de 27 leden van het college een besluit op basis van gewone meerderheid van stemmen. Een besluit dat eenmaal is aangenomen, maakt integraal deel uit van het beleid van de Commissie.
-
-Eurocommissarissen. De 27 leden van de Europese Commissie oefenen hun functie uit voor een periode van vijf jaar en zijn herkiesbaar. De voorzitter van het College van eurocommissarissen is sinds november 2004: José Manuel Durao Barroso (Portugal). Barroso werd in september 2009 voor een tweede termijn herkozen.
-
-Directoraten-generaal. Er zijn 'politieke' directoraten-generaal, directoraten-generaal die betrekking hebben op Buitenlandse Betrekkingen en enkele algemene en interne diensten.
-
-Interne organisatie. De Europese Commissie heeft ongeveer 37.500 ambtenaren in dienst en is hiermee veruit het grootste orgaan van de Europese Unie.
In 2014 komt er een nieuwe Commissie, die uit 28 leden zal bestaan.
Op basis van de doelstellingen van een Commissie wordt jaarlijks een werkprogramma vastgesteld. Dit geeft een overzicht van de belangrijkste te nemen wetgevingsinitiatieven, uitvoeringsbesluiten en andere beslissingen. Omdat de Commissie-Barroso als doel had gesteld het aantal regels te verminderen, stond in het werkprogramma ook een lijst vereenvoudigingsinitiatieven.
Hoofdpunten werkprogramma 2013
-
-modernisering van de Europese economie, mede door
-
-efficiënter gebruik te maken van hulpbronnen
-
-basisinfrastructuur voor energie en telecommunicatie verbeteren
-
-het gebruik van ICT stimuleren
-
-
-betere afstemming van de economieën en de begrotingen van de lidstaten
-
-plannen voor Europees toezicht op de banken verder uitwerken
-
-het uitbouwen van bestaande handelsrelaties
Hoofdpunten werkprogramma 2012
-
-Verscherpen toezicht op de begroting en economie lidstaten, mede door
-
-uitwerken extra bevoegdheden van de eurocommissaris voor economische en monetaire zaken bij het overtreden van de begrotingsregels
-
-gebruik van het semester om suggesties te doen voor structurele verbetering van de economie
-
-
-Verder aanscherpen van de regels voor de financiële sector
-
-Verdere liberalisering energiemarkten en dienstensector
-
-Voorstellen voor flexibilisering van de arbeidsmarkt en het verbeteren van de arbeidsmobiliteit
-
-Actieprogramma en beleid voor zuiniger gebruik natuurlijke hulpbronnen
-
-Stroomlijnen hulp en begeleiding aan landen in een democratiseringsproces als gevolg van de Arabische Lente
-
-Modernisering van de systemen voor de grenscontroles
Hoofdpunten werkprogramma 2011
-
-Afronding van het pakket aan maatregelen voor het verbeteren van het toezicht op de financiële sector,
waaraan in 2010 is begonnen
-
-Verder bereiken van de doelen van de Europa 2020-strategie, met specifieke aandacht voor
-
-duurzaamheid
-
-efficiënt gebruik van natuurlijke hulpbronnen
-
-Grenzen binnen de interne markt nog verder wegnemen
-
-Betere erkenning en toepassing van rechtsinstrumenten over de grenzen van lidstaten heen
-
-Rechtsbijstand voor burgers in andere lidstaten verbeteren
-
-Beleid rond ontwikkelingssamenwerking evalueren en waar nodig bijstellen
-
-Maatregelen nemen om klimaatverandering tegen te gaan
-
-Verbeteren van relatie tussen Europa en de burger
De Europese Commissie telt 27 leden, voor elke lidstaat één. De leden van de Europese Commissie oefenen hun taken in volkomen onafhankelijkheid uit, er is uitdrukkelijk bepaald dat de lidstaten geen instructies mogen geven. Hoewel de nationale politiek en de publieke opinie graag anders doen voorkomen, zijn de commissarissen dus geen vertegenwoordigers van de lidstaten.
De Europese Raad benoemt de voorzitter van de Europese Commissie. In een speciale vergadering dragen de verenigde staatshoofden en regeringsleiders een kandidaat voor, die daarna door het Europees Parlement moet worden goedgekeurd. Vervolgens stelt de Europese Raad de lijst vast met overige leden van de Commissie die door de lidstaten zijn voorgedragen.
De volgende Nederlanders hebben sinds 1952 zitting genomen in de Europese Commissie:
- Neelie Kroes (2004-heden, Concurrentie [eerste periode], Digitale Agenda [tweede zitting])
- Frits Bolkestein (1999-2004, Interne Markt)
- Hans van den Broek (1993-99, Buitenlandse Betrekkingen en Uitbreiding)
- Frans Andriessen (1981-85, Concurrentie; 1985-89, Land- en bosbouw; 1989-93, Buitenlandse Betrekkingen en Handelspolitiek)
- Henk Vredeling (1977-81, Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Vice-voorzitter)
- Pierre Lardinois (1973-77, Landbouw)
- Maan Sassen (1967-71, Concurrentie)
- Sicco Mansholt (1958-73, Landbouw; 1972-73, Voorzitter)
Hoge Autoriteit EGKS (1952 - 1967)
- Johannes Linthorst Homan (1962-67, lid Hoge Autoriteit EGKS)
- Dick Spierenburg (1952-61, lid Hoge Autoriteit EGKS, Vice-president)
Euratomcommissie (1958 - 1967)
commissie-Hallstein I en II (1958-1967)
commissie-Rey (1967-1970)
commissie-Malfatti/Mansholt (1970-1973)
commissie-Ortoli (1973-1977)
commissie-Jenkins (1977-1981)
commissie-Thorn (1981-1985)
commissie-Delors I (1985-1989)
commissie-Delors II (1989-1993)
commissie-Delors III (1993-1995)
commissie-Santer (1995-1999)
commissie-Prodi (1999-2004)
commissie-Barroso I (2004-2010)
In 1952 werd de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) opgericht. De Hoge Autoriteit vormde het dagelijkse bestuur. Zij deed voorstellen, bewaakte de naleving van de regels en kon, in sommige gevallen, zoals bij het vaststellen van bodemprijzen voor kolen en staal, zelf besluiten nemen. De lidstaten hadden in die gevallen hun bevoegdheden overgedragen aan een instelling op Europees niveau, en dat was uniek in de geschiedenis.
De Europese Commissie bestaat sinds 1958, toen de Europese Economische Gemeenschap (EEG) van start ging. Veel van de bevoegdheden en het takenpakket van de Europese Commissie was gevormd naar de Hoge Autoriteit. De Commissie had alleen veel minder ruimte gekregen om zelf besluiten te nemen. In de EEG hadden de lidstaten weer meer te vertellen.
Vanaf het eind van de jaren '60 werd deze ruimte verder ingeperkt. De Europese regeringsleiders namen zelf het voortouw in hoe de Europese integratie vorm zou moeten krijgen.
De invloed van de Europese Commissie hangt volgens velen samen met wie de voorzitter is van de Commissie. Een sterke voorzitter kan veel bereiken. Het beste voorbeeld hiervan is Jacques Delors. Hij wordt gezien als één van de architecten van de gezamenlijke markt. De Commissie stelde onder zijn leiding een lijst op van meer dan 300 punten die moesten worden gerealiseerd om echt één Europese markt te creëren. En de Commissie nam het voortouw door veel voorstellen te doen. De Commissie bepaalde in hoge mate de agenda.
Minstens net zo belangrijk was dat de Raad van Ministers toen op een aantal beleidsterreinen - vooral als het om de interne markt ging - het veto afschafte. Eén enkele lidstaat kon voorstellen van de Commissie op die terreinen niet meer blokkeren.
Met het Verdrag van Maastricht en de oprichting van de Europese Unie kreeg de Europese Commissie over veel meer onderwerpen iets te zeggen. En ook nu ging dit samen gepaard met het afschaffen van het vetorecht op een aantal van die beleidsterreinen. In internationaal verband trad op een aantal beleidsterreinen de Commissie op als vertegenwoordiger van de hele Europese Unie. Op het gebied van buitenlands- en veiligheidsbeleid en justitie en immigratie was haar rol beperkt. De Commissie mocht bij deze onderwerpen niet meer dan meeluisteren en vrijblijvend voorstellen doen.
De verdragen van Amsterdam en Nice breidden het aantal onderwerpen waar de Commissie bij werd betrokken verder uit. En de medebeslissingsbevoegdheid werd op meer beleidsterreinen van toepassing. De aanpassingen in deze verdragen zijn minder ingrijpend dan het verdrag van Maastricht. De rol van de Commissie is op het gebied van justitie en immigratie na een overgangsperiode ook vergroot.
Het imago van de Commissie liep in 1999 een grote deuk op door de Cresson-affaire. Eurocommissaris Cresson raakte in opspraak omdat zij een bevriende tandarts als adviseur aanhield. Het Europees Parlement eiste haar aftreden, maar voorzitter Santer weigerde dat. Toen het Europees Parlement daarop dreigde de hele Commissie weg te sturen - het parlement kan namelijk niet een individuele eurocommissaris wegsturen, alleen de Commissie als geheel - trad de Commissie af.
Het beeld van de Commissie heeft ook te lijden gehad onder het idee dat de afgelopen Commissies zwakke voorzitters hadden. De Commissie drukte niet haar stempel op de agenda zoals zij deed in de jaren '80.
In al die jaren groeide de Commissie. Elke lidstaat heeft een eigen Europese Commissaris, en tot begin deze eeuw hadden de grote landen er zelfs twee. Telde de Commissie in de beginjaren nog negen leden, na alle uitbreidingen telt de Commissie momenteel 27 eurocommissarissen. De grootte van de Commissie was een veel besproken onderwerp, maar de in Verdrag van Lissabon opgenomen bepaling dat er een roulatiesysteem zou komen (één op de drie zittingsperiodes hebben lidstaten geen commissaris) is afgezwakt. De Europese Raad heeft inmiddels besloten dat iedere lidstaat ook na 2014 een eurocommissaris zal houden.
