Jhr.Mr. G.L.M.H. (Gustave) Ruijs van Beerenbroek

foto Jhr.Mr. G.L.M.H. (Gustave) Ruijs van Beerenbroekvergrootglas Rooms-katholiek voorman aan het einde van de negentiende eeuw. Dominerend lid van de rechterzijde. Rechter in Maastricht, die vanaf 1880 als afgevaardigde van het gelijknamige district in de Tweede Kamer kwam. Maakte deel uit van de parlementaire enquêtecommissie naar de toestanden in fabrieken en werkplaatsen en was als minister van Justitie in het kabinet-Mackay verantwoordelijk voor de eerste Arbeidswet (1889). Werd later Commissaris van de Koningin in Limburg. Vader van Charles Ruys de Beerenbrouck. Stond bekend als een echte regent, met veel afstand tot gewone mensen.

Bahlmanniaan ('Centrum') , Rooms-Katholieken
in de periode 1880-1926: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, minister, staatsraad in buitengewone dienst, Commissaris van de Koning(in)

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

voornamen (roepnaam)

Gustave Louis Marie Hubert (Gustave)

2.

personalia

wijziging in naam en/of titulatuur
  • Jhr.Mr. G.L.M.H. Ruijs van Beerenbroek, tot 21 maart 1895 
  • Jhr.Mr. G.L.M.H. Ruijs de Beerenbrouck, vanaf 21 maart 1895 

geboorteplaats en -datum
Roermond, 26 september 1842

overlijdensplaats en -datum
Born, 6 februari 1926

levensbeschouwing
Rooms-Katholiek

opmerkingen over de naam en/of titel
Naam "Ruijs van Beerenbroek" werd door zijn vader aan het bevolkingsregister opgegeven. Familienaam bij vonnis van de arrondissementsrechtbank te Roermond van 21 maart 1895 veranderd.

3.

partij/stroming

stroming(en)
R.K. (Rooms-Katholieken) (conservatief)

4.

loopbaan

  • advocaat te Maastricht, van 1865 tot 1867 
  • substituut-Officier van Justitie te Roermond, van 1 juli 1867 tot 1 mei 1877 
  • rechter Arrondissementsrecht te Maastricht, van 1 mei 1877 tot 1 januari 1888 
  • lid gemeenteraad van Maastricht, van 1880 tot 1888 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 december 1880 tot 11 oktober 1884 (voor het kiesdistrict Maastricht) 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 18 mei 1886 (voor het kiesdistrict Maastricht) 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juli 1886 tot 17 augustus 1887 (voor het kiesdistrict Maastricht) 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 23 december 1887 (voor het kiesdistrict Maastricht) 
  • vicepresident Arrondissementsrechtbank te Maastricht, van 1 januari 1888 tot 20 april 1888 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 februari 1888 tot 27 maart 1888 (voor het kiesdistrict Maastricht) 
  • minister van Justitie, van 21 april 1888 tot 21 augustus 1891 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 juli 1892 tot 7 oktober 1893 (voor het kiesdistrict Roermond) 
  • Commissaris der Koningin in Limburg, van 1 november 1893 tot 16 mei 1918 
  • lid Raad van State in buitengewone dienst, van 14 juli 1903 tot 6 februari 1926 

5.

partijpolitieke functies

  • voorzitter Katholieke Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 27 september 1892 tot 7 oktober 1893 

6.

nevenfuncties

  • eerste luitenant der dienstdoende schutterij te Roermond, vanaf 5 augustus 1868 
  • lid Raad van Voogdij over Koningin Wilhelmina, van 1890 tot 1898 
  • lid Permanent Hof van Arbitrage, van 1900 tot 1926 
  • lid Raad van Commissarissen Nederlandsche Heidemaatschappij, van 1900 tot 1926 
  • lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-De Beaufort), van 23 oktober 1905 tot 20 december 1906 
  • voorzitter Nederlandsche Heidemaatschappij, van 1907 tot 1923 
  • voorzitter Koninklijke Nederlandsche Landbouwvereniging, van 1908 tot 1918 
  • lid Raad van Commissarissen Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen, omstreeks 1915 
  • lid College van Curatoren Rijks Landbouw-Hoogeschool te Wageningen, van 8 januari 1918 tot februari 1923 

afgeleide functies, presidia etc.
lid parlementaire enquêtecommissie naar de toestand in fabrieken en werkplaatsen (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1886 tot 1887

erefuncties, comité's van aanbeveling etc.
beschermheer Vereeniging tot bevordering van tuin- en landbouw in Limburg, omstreeks 1901

7.

opleiding

academische studie
  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Leiden, van 1 oktober 1861 tot 28 juni 1865 

8.

activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich in de Tweede Kamer bezig met justitiële onderwerpen, buitenlandse zaken en spoorwegaangelegenheden 

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • In 1889 verwierp de Eerste Kamer een door hem verdedigd wetsvoorstel inzake toegelaten vrijheidsbeneming, omdat de meerderheid de regeling voor aanhouding bij heterdaad te omslachtig vond 

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1889 samen met minister Havelaar de Boterwet tot stand, die bepalingen bevat over het tegengaan van bedrog in de boterhandel. Margarine (kunstboter) mag alleen worden verkocht als duidelijk is aangegeven dat het niet om zuivere boter gaat. 
  • Bracht in 1889 de wet houdende bepalingen tot het tegengaan van overmatige en gevaarlijke arbeid van jeugdige personen en van vrouwen (Arbeidswet) tot stand. Daarmee kwam er een verbod op kinderarbeid, werd de arbeid van jeugdigen (tot 16 jaar) en vrouwen geregeld en werd de Arbeidsinspectie ingesteld. 
  • Bracht in 1890 de Wet houdende verbodsbepaling tegen het dragen van wapens (Wapenwet) tot stand 

9.

wetenswaardigheden

algemeen
  • Zou door de liberale minister Tak van Poortvliet in 1893 tot Commissaris van de Koningin zijn benoemd, omdat die daarmee een lastige tegenstander in de Tweede Kamer kwijt was 

uit de privésfeer
  • Bracht in 1889 een fusie tot stand tussen de Christelijke Limburgsche Boerenbond en de Limburgsche Landbouwbond 
  • Zijn vader was belastingambtenaar, districtscommissaris en Gedeputeerde van Limburg 

woonplaats(en)/adres(sen)
  • Holtum, kasteel Wolfrath 
  • 's-Gravenhage, tot oktober 1893 
  • Maastricht, vanaf oktober 1893 

ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 8 maart 1888

bezit van heerlijkheden
  • heer van Beerenbrouck en Wolfrath (1904) 

10.

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
  • G.A.M. Beekelaar, "Ruijs van Beerenbroek, Jhr. Gustave Lodewijk Marie Hubert (1842-1926)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel II, 487 
  • G.A.M. Beekelaar, "Gustave Ruijs de Beerenbrouck (1842-1926), commissaris der Koningin 1893-1918 en Charles Ruijs de Beerenbrouck (1873-1936), commissaris der koningin, mei-augustus 1918", in: J.H.M. Wieland e.a. (red.), "De Gouverneurs in de beide Limburgen 1815-1989" (Maastricht, 1989) 265 

Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

11.

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Luik, 8 oktober 1872

echtgeno(o)t(e)/partner
Jkvr. M.I.L. Ruijs van Beerenbroek, Marie Isabelle Louise

kinderen
1 zoon en 1 dochter

vader
Jhr. Ch.E.M. Ruijs van Beerenbroek, Charles Edmond Marie (andere bron: eerste voornaam Karel)

geboorteplaats en/of -datum
Venlo, 7 juni 1789

moeder
Jkvr. C.M.B. van Aefferden, Carolina Maria Bernardina

geboorteplaats en/of -datum
Roermond, 20 augustus 1809

beroep grootvader (vaderskant)
  • ontvanger der domeinen van Gelderland te Venlo 
  • administrateur van 's Rijks schatkist in Limburg 

familierelaties